Wanneer bedrijfseconomisch ontslag misbruik van recht wordt
Wat je leert over arbeidsrecht als je een multinational tegenover je hebt.
“Ineens word je tijdens je vakantie gebeld …”
Ineens word je tijdens je vakantie gebeld door journalisten die een quote willen over een zaak waar je al jaren aan hebt gewerkt.
Het voelt onwerkelijk: je komt net aan en moet je koffer nog uitpakken. Je bent aan het uitzoeken waar en hoe je moet ontbijten
en geniet van het uitzicht op een Aziatische stad, en tegelijkertijd gonst je telefoon van verzoeken om contact.
Interviews zijn gewoon werk, dus je vakantie stel je nog even uit.
Daarna komen de nieuwsalerts van collega’s vrienden en cliënten.
Is dit jouw Crocs-zaak? De headlines vliegen over het scherm:
Man moet na 13 jaar weg bij Crocs Hoofddorp en krijgt depressie, verstoten door familie
— zoals hier beschreven in AD.nl.
Ontslag uit het niets kan Crocs duur komen te staan
— zoals RTL al kopte:
rtl.nl.
Terwijl de nieuwsmedia de beelden en emoties zoeken, denk ik terug aan wat er werkelijk speelde, en wat deze zaak ons kan leren over arbeidsrecht.
Wat er juridisch aan de hand was
Op papier zag het bedrijfseconomisch ontslag er “netjes” uit. De beëindiging van het dienstverband gebeurde in het kader van reorganisatie.
Maar wie eenmaal de feiten op een rij zet, ziet dat het niet om een echte reorganisatie ging, maar om een casus waarin de formele route van
bedrijfseconomisch ontslag werd gebruikt om iemand te ontslaan zonder dat daar een reële economische noodzaak aan ten grondslag lag.
Daarmee raakten we de kernvraag:
Wanneer is bedrijfseconomisch ontslag nog rechtmatig, en wanneer wordt het misbruik van recht?
Zoals we dat in de literatuur en rechtspraak zien — maar wat in de praktijk alleen zichtbaar wordt als je de context kent —
is dat een werkgever niet alleen een vorm moet volgen, maar ook een inhoudelijke grondslag moet hebben.
Deze grondslag wordt te vaak gebruikt om ontslagbescherming te omzeilen en om van ongewenste werknemers af te komen.
“Deze grondslag wordt te vaak gebruikt om ontslagbescherming te omzeilen en om van ongewenste werknemers af te komen”
Dat is een van de zinnen die ik vaak gebruik tegen collega’s en cliënten als we het hebben over dit stukje ontslagpraktijk.
Procederen tegen een multinational (vaak een Amerikaans bedrijf) is geen sinecure; het is een oefening in ‘door het bos de bomen zichtbaar maken’,
in uithoudingsvermogen en in het leggen van verbanden die vaak uit een veelheid van documenten moeten worden gehaald en pas zichtbaar worden
als je alles naast elkaar legt.
Je moet steeds vragen stellen zoals:
- “Was er wel écht een economische aanleiding?”
- “Is dit bedrijfseconomisch ontslag alleen een omweg om iemand buiten te zetten?”
- “Wordt hier een formele route misbruikt om een werknemer zonder goede reden weg te zetten?”
In de Crocs-zaak was dat precies waar het over ging, maar in dit soort zaken is het heel lastig om een rechter te overtuigen van wat er werkelijk aan de orde is.
In de vorm van een normale procedurele route, wordt een strategische keuze uitgewerkt om een persoon uit het team te verwijderen zonder reële reorganisatieredenen.
En dat raakt de essentie van Nederlandse arbeidsrecht: Het gaat niet alleen om de vraag of de regels gevolgd zijn, maar waaróm ze gevolgd zijn.
De impact op de betrokken werknemer
De gevolgen van zo’n ontslag zijn menselijk ingrijpend. De media hebben daar in deze zaak terecht de aandacht op gevestigd.
De mentale impact van de manier waarop de betreffende werknemer werd geconfronteerd met het beëindigen van het dienstverband was ook wel wat extreem.
Hij werd er bijna letterlijk “uit gegooid”, uit de systemen, uit zijn e-mail, maar ook feitelijk uit het gebouw.
Arbeidsrecht is niet slechts een mechaniek van regels; het raakt aan iemands bestaanszekerheid, identiteit en sociale netwerk.
Als advocaat zie je die impact van dichtbij en soms maak je je heel veel zorgen over de impact op je cliënt. Zo ook in deze zaak.
“Voor een betrokken advocaat is het niet altijd makkelijk om te schuilen achter de juridische realiteit, zeker niet als je merkt wat de impact is dat iedere letter (gelezen of geschreven) op de mens die je cliënt is.”
Dat maakt het des te belangrijker om niet alleen te kijken naar wat een werkgever kan doen, maar wat hij mag doen, wat rechtvaardig is en of je je cliënt niet in bescherming moet nemen.
Wat deze zaak leert over arbeidsrecht
1. Vorm mag nooit de overhand krijgen boven inhoud
Formeel een ontslag op bedrijfseconomische grond kiezen is één ding; het is iets anders om te toetsen of daar inhoudelijk ook echt redenen voor zijn.
Helaas zijn rechters niet altijd te overtuigen en zijn zij bereid om te bewilligen in een afscheid. Gelukkig blijkt uit de rechtspraak dat steeds vaker
rechters deze toets niet al te licht nemen.
2. Context doet ertoe
De context van arbeid, loyaliteit en contractuele verwachtingen speelt een grote rol. Een werknemer die jarenlang deel uitmaakte van de organisatie heeft meer dan alleen een “dienstverband”;
hij of zij heeft een leven om het werk gebouwd, heeft relaties, expertise en ook reputatie opgebouwd die niet zomaar kan worden beëindigd met een boekhoudkundige reorganisatie.
3. Menselijke maat verdient een plek in het juridische verhaal
Arbeidsrecht is een rechtsgebied waarin juridische finesse hand in hand moet gaan met menselijke sensitiviteit. Puik procedurewerk alleen is niet genoeg;
je moet begrijpen wat voor de persoon achter de werknemer op het spel staat.
Tot slot: wat leer je als advocaat
Als advocaat zie je dit soort manier van doen best regelmatig. Wat ze bijzonder maakt, is dat ze (als het goed is) aanzetten tot reflectie over ons eigen vak:
- Hoe interpreteren wij de grenzen van toegestane (ontslag)praktijken?
- Hoe wegen we de belangen van cliënten en wederpartijen?
- Hoe behouden we de menselijke maat in een juridisch geweldsspel?
En juist deze afwegingen vormen de kern van wat het betekent om een betrokken advocaat te zijn: niet alleen een juridisch functionaris,
maar een professional die zich verdiept in de praktijk, de context en de consequenties van wat wij elke dag doen.
“Het recht is geen papieren spel; het is de kunst van recht doen aan mensen.”




